Blogs

Sociale competenties deel 7: motivatietheorie van Herzberg

Hoe motiveer jij als voetbalcoach je spelers? Weet jij waardoor spelers gemotiveerd worden? Zijn ze op dit moment überhaupt gemotiveerd? En jij? Ben jij gemotiveerd? De Amerikaanse psycholoog Frederick Herzberg (1923 – 2000) heeft onderzoek gedaan naar motivatie onder werknemers. Het onderzoek heeft Herzberg verwerkt in zijn motivatietheorie.

De theorie
Wat is de motivatie-theorie? Volgens de theorie worden werknemers en de motivatie van werknemers op 2 manieren beïnvloedt: door motivatiefactoren (satisfiers) en hygiënefactoren (dissatisfiers). Wat zijn deze motivatie- en hygiënefactoren?

Hygiënefactoren
Een basisvoorwaarde, dat zijn hygiënefactoren. Als niet voldaan kan worden aan hygiënefactoren zijn werknemers ontevreden. Bij hygiënefactoren kan je denken aan een normaal salaris, werkomstandigheden, de band met een leidinggevende, stabiliteit in de organisatie en secundaire arbeidsvoorwaarden. Als is voldaan aan de hygiënefactoren zijn werknemers nog niet direct tevreden. De basis is in orde maar voor tevredenheid en motivatie is meer nodig. Als is voldaan aan hygiënefactoren zijn werknemers niet ontevreden. Wat is nog om van niet ontevreden naar tevreden te gaan?

Motivatiefactoren
Wanneer zijn werknemers dan wél tevreden of gemotiveerd? Nadat het fundament is gelegd met hygiënefactoren, komen we uit bij de motivatiefactoren. Wat zijn motivatiefactoren? Enkele voorbeelden: erkenning krijgen, kans krijgen om te ontwikkelen, uitgedaagd worden, bijdragen aan een groter geheel, doelen kunnen realiseren.

Toepassen
Hoe kan je dit toepassen als voetbalcoach? Je mag er toch vanuit gaan dat spelers gemotiveerd zijn? Ze kunnen immers evengoed voor een andere hobby kiezen dan voetbal. Dat klopt helemaal. Toch kan je jezelf enkele vragen stellen m.b.t. de motivatietheorie van Herzberg. Allereerst vragen voor jezelf, jij zal als coach toch ook gemotiveerd moeten zijn en daar ben je grotendeels zelf verantwoordelijk voor.

Als het gaat om hygiënefactoren voor jezelf:

  • Wat zijn de werkomstandigheden die de vereniging jou biedt? Materiaal, veld, kleedgelegenheid etc.? Is dit op een passend niveau? Of een gewenst niveau?
  • Welke band heb jij met je leidinggevenden binnen de vereniging zoals een technische commissie? Wat voor band heb je met je staf? Welke band heb jij met je spelers?
  • Is er stabiliteit binnen de vereniging? Bijvoorbeeld op bestuurlijk niveau?

Als het gaat om motivatiefactoren voor jezelf:

  • Krijg jij als coach erkenning voor je werk? Voor een training/wedstrijden of resultaat?
  • Kun jij je ontwikkelen als coach in je huidige job?
  • Wordt jij zelf uitgedaagd? Op welke manier?

Vanzelfsprekend heb je als coach veel invloed op de motivatie van spelers. Enkele vragen.

Als het gaat om hygiënefactoren voor je spelers:

  • Wat zijn de werkomstandigheden die de vereniging de spelers kan bieden? Materiaal, veld, kleedgelegenheid etc.? Is dit op een passend niveau? Of een gewenst niveau?
  • Welke band heb je met je spelers en hoe ervaren spelers die band?
  • Is er stabiliteit binnen de vereniging? Bijvoorbeeld op bestuurlijk niveau?

Als het gaat om motivatiefactoren voor je spelers:

  • Krijgen spelers erkenning voor hun ‘werk’? Geef je spelers erkenning voor hun prestatie? Op training of wedstrijden?
  • Kunnen spelers zich ontwikkelen in de huidige selectie of binnen de vereniging?
  • Daag je spelers (voldoende) uit? Zo ja, hoe?

Beantwoord je een vraag met nee? Wat zou je hieraan willen/kunnen doen? Wie of wat heb je daarvoor nodig?

Genoeg vragen om over na te denken. Samengevat is het volgens Herzberg belangrijk om eerst randvoorwaarden te creëren (hygiënefactoren). Van daaruit kun je verder kijken hoe je spelers écht kan motiveren. Of hoe je zelf echt gemotiveerd blijft.

Tips en reacties zien welkom! Binnenkort deel 8 in de serie over sociale competenties.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *